Blockchain-tracing klinkt als werk voor hackers. In werkelijkheid is het methodisch speurwerk op een publiek grootboek: iedere transactie staat open en voor altijd vast. Zo gaat het in zijn werk.
Stap 1: het startpunt vastleggen
Alles begint met jouw transactie: het wallet-adres waar je vanuit verstuurde en de transactie-ID (TXID). Daarmee halen wij de exacte outputs op — hoeveel, wanneer, en naar welke adressen.
Stap 2: hops volgen
Geld dat een scam-wallet verlaat, gaat zelden rechtstreeks naar de eindbestemming. Wij volgen elke "hop": tussenschakels, gesplitste bedragen, swaps tussen coins. Professionele tooling (o.a. open-source explorers en clustering-software) maakt dit grafisch inzichtelijk.
Stap 3: adressen clusteren
Wallets die herhaaldelijk samenwerken — gemeenschappelijke inputs, vaste patronen, hergebruikte adressen — groeperen wij tot één cluster. Zo ontstaat niet een zee van anonieme adressen, maar een kaart van betrokken partijen.
Stap 4: exchanges identificeren
Het kritieke moment: als geld op een adres terechtkomt dat toebehoort aan een bekende exchange, is er een juridisch aangrijpingspunt. Exchanges hebben KYC-verplichtingen — wie daar stort, is identificeerbaar.
Stap 5: het rapport
Alles wordt samengebracht in een chronologisch, feitelijk PDF-rapport: grafieken van het geldspoor, geïdentificeerde clusters, betrokken exchanges en exacte transactiegegevens. Geschikt als bijlage bij een aangifte of een verzoek tot freeze bij een exchange.
Wat tracing níét is
We hacken niets, we krijgen geen toegang tot accounts, en we kunnen niemand dwingen geld terug te geven. Wij leveren bewijs; politie en exchanges nemen beslissingen. Dat onderscheid is belangrijk — en het is precies waarom een degelijk rapport zo veel waard is.